Ouderdomspensioen
Voor de opbouw van pensioen wordt er regelmatig een bedrag apart gezet: de pensioenpremie. Dit geld wordt beheerd door het pensioenfonds. Het pensioenfonds zorgt ervoor dat deze reserve verder groeit en dat werknemers hiervan maandelijks een vast bedrag ontvangen nadat ze met pensioen zijn gegaan.
Opbouw
Een werknemer begint met het opbouwen van pensioen vanaf het moment dat hij (of zij) in dienst komt. Werknemers die voor 20-jarige leeftijd in dienst komt, bouwen pensioen op vanaf 20 jaar. U moet dit binnen één maand na aanvang van hun dienstverband melden. De opbouw van ouderdomspensioen stopt als de werknemer met pensioen gaat. Jaarlijks bouwt de werknemer 1,75% ouderdomspensioen op over zijn pensioengrondslag.
Pensioengrondslag
De pensioengrondslag is uw jaarloon minus de franchise. Over het loon boven het maximumloon Wet financiering sociale verzekeringen bouwt de werkenmer geen ouderdomspensioen meer op. Bij Premies vindt u het actuele bedrag maximumloon.
- Jaarloon: het bruto jaarinkomen, zoals omschreven is in de Wet Financiering sociale verzekeringen (loon Wfsv).
- Franchise: bij uw pensioenopbouw wordt al rekening gehouden met de AOW die de werknemer na zijn 65ste van de overheid ontvangt. Over dit deel van het inkomen wordt daarom geen pensioen opgebouwd. Als de werknemer niet fulltime werkt, wordt de franchise evenredig aangepast. Bij Premies vindt u de actuele (fulltime) franchise.
Aanvullende opbouw in bepaalde branches
In bepaalde branches wordt aanvullend ouderdomspensioen opgebouwd:
- werknemers die in de Gemengde Branche of de Speelgoedbranche werken, bouwen 0,20% aan aanvullend ouderdomspensioen op
- werknemers die in de Branche Aardappelen, Groenten en Fruit werken, bouwen 0,25% aan aanvullend ouderdomspensioen op
Ingang
Het ouderdomspensioen gaat standaard in op 65-jarige leeftijd. De werknemer ontvangt het ouderdomspensioen levenslang. In de Pensioenregeling detailhandel is het mogelijk om eerder dan 65 jaar te stoppen met werken en met pensioen te gaan, als de financiële situatie van de werknemer het toelaat. De mogelijkheden zijn:
- eerder stoppen dan 65 jaar
- gedeeltelijk eerder stoppen dan 65 jaar
- doorwerken tot 65 jaar
Hieronder vindt u voorbeelden van deze mogelijkheden.
Hoogte van het ouderdomspensioen
Hoeveel pensioen er wordt opgebouwd, is onder andere afhankelijk van de hoogte van het loon, hoe lang een werknemer deelneemt aan de regeling en het soort pensioenregeling. In dit geval betreft het een middelloonregeling. Dit is een regeling waarin elk jaar een vast percentage aan pensioen wordt opgebouwd. Het uiteindelijke pensioen is een afspiegeling van wat de werknemer gemiddeld verdiend heeft.
Variëren met de hoogte van de uitkering
Wanneer de werknemer met pensioen gaat, is het mogelijk om de hoogte van de pensioenuitkering aan te passen aan de situatie van de werknemer. Hij kan ervoor kiezen om in de eerste periode na zijn pensioen een hoge uitkering te ontvangen en daarna een lagere. Of de eerste tijd een lagere uitkering en daarna een hogere. Voorwaarden hiervoor zijn:
- de eerste periode is minimaal één en maximaal tien jaar
- de lagere uitkering is niet lager dan 75% van uw hogere pensioenuitkering